iOS:
Bewaar als app -> Kies “Zet in beginscherm” en klaar!

Android:
Bewaar als app-> Kies “Toevoegen aan beginscherm”

Windows:
Bewaar als app-> klik op “Aan start vastpinnen”

loader

Aanmelden voor:

nieuwsbrief, lezersaanbiedingen, speciale acties etc.
Het laatste nieuws van dichtbij!

Rubriek Column

Zonnig en warm

Zonnig en warm

Kent u die mop over een Amerikaanse, Russische en Belgische astronaut die opscheppen over hun prestaties in de ruimte? Zegt de Rus: “Wij hadden de eerste mens in de ruimte!” De Amerikaan doet er een schepje bovenop: “Wij hadden de eerste mens op de maan!” Tot slot de Belg: “Dat is allemaal niks jongens… wij gaan binnenkort naar de zon!” De Rus en de Amerikaan komen niet meer bij van het lachen. “Jongen, dat kan helemaal niet, je zult levend verbranden!” Waarop de Belg zegt: “Ja maar seg, wij gaan ’s nachts hè!”

Hier moest ik aan denken toen de Volkskrant vorige week berichtte over een op handen zijnde expeditie naar de zon. Nou ja, expeditie, het gaat om een onbemande ruimtevlucht, bedoeld om de activiteit van de zon beter te voorspellen. Deze zogenaamde ‘zonnewind’, bestaande uit geladen deeltjes, kan elektronische apparatuur op aarde danig ontregelen. De ruimtesonde zal daarom onderzoek doen naar de buitenste laag van de zon, de corona (krans of kroon), waar de zonnewind ontstaat uit zogenaamde ‘zonnevlammen’.

De sonde wordt in een elliptische baan om de zon gebracht, en scheert vervolgens elke drie maanden ‘rakelings’ langs de zon. Dat wil zeggen: op 6 miljoen kilometer afstand. Om een idee te geven: Mercurius, de planeet die het dichtst bij de zon staat, staat er 60 miljoen kilometer vandaan; wij zelf staan op 150 miljoen kilometer. De kortste nadering wordt pas in 2024 bereikt. Sneller gaat niet, want een ruimteschip kan niet in een rechte lijn naar de zon vliegen. Zelfs niet ’s nachts.

De meetapparatuur aan boord kun je, net als astronauten, niet onbeperkt heet laten worden. De meeste metalen smelten ergens tussen 200 en 1500 graden. Maar dichtbij de zon wordt het veel heter! Lang voordat de sonde ter plaatse is, zou deze makkelijk een temperatuur van meer dan duizend graden bereiken. Het is daarom zaak om materiaal te gebruiken dat goed tegen hitte kan. Daarvan wordt een 12 cm dikke ‘parasol’ gemaakt. Deze wordt zelf gloeiend heet (zo’n 1400 graden), maar beschermt de gevoelige apparatuur tegen oververhitting. Om in grote lijnen te weten wat er in de zon gebeurt, hoef je zo ver niet te gaan. Door slimme combinatie van meetgegevens hier op aarde, kunnen we al een heleboel afleiden.

Zo weten we al lang dat de zon een gasbol is, waarin helium (dat betekent: ‘het element van de zon’, naar het Griekse woord ‘helios’) wordt omgezet in
waterstof. Als je meet hoe snel dat proces gaat, dan kun je vrij nauwkeurig bepalen hoe heet de zon moet zijn.

Aan de buitenkant van onze aardse atmosfeer straalt de zon 1367 W/m2 aan warmte in. Vermenigvuldig je dit met het oppervlak van een bol met een straal van 150 miljoen kilometer, dan weten we ook hoeveel straling de zon in totaal produceert. Dan kom je op 4 maal 1020 Watt. Als je dit deelt door het kwadraat van de lichtsnelheid, dan weet je hoeveel massa de zon per seconde verbruikt met haar kernfusieproces, want E = mc2 volgens Einstein.

Het resultaat is dat de zon elke seconde zo’n 4300 kilo afvalt. De totale hoeveelheid helium die per seconde wordt omgezet, is vele malen groter: wat ik hierboven uitrekende, is alleen het massaverschil tussen het ontstane waterstof en het omgezette helium! Tot slot volgt uit (zeer ingewikkelde) modellen voor kernfusie dat het binnenste van de zon ergens tussen de 15 en 16 miljoen graden moet zijn om deze omzetsnelheid te halen.

Vergeleken hiermee blijft de buitenkant ‘lekker koel’: zo’n 5500 graden. Dat kun je weer afleiden uit de verhouding van stralingsintensiteit bij verschillende golflengtes die wij waarnemen. Die verhouding hangt af van de temperatuur, volgens de stralingswet van Planck. De temperatuur die je zo vindt, is feitelijk de temperatuur van de ‘fotosfeer’; een relatief dichte laag aan het oppervlak van de zon, waar de meeste straling vandaan komt. De onderkant van de fotosfeer wordt wel beschouwd als ‘het oppervlak van de zon’.

Maar in werkelijkheid is er geen sprake van een bodem waarop je zou kunnen landen. Zelfs niet ’s nachts. Elke poging zou binnen de kortste keren leiden tot ‘sondevoeding’ voor de zon! Maar met haar afslanktempo helpt dat hooguit één tel. Bespaar je de moeite.

Microsoft Hot icon

Microsoft

Nou, ik ben weer een beetje tot mezelf gekomen. Heb een kwartier de slappe lach gehad. Om mezelf want ik ben er inmiddels wel achter dat ikzelf degene
ben die het hardst om mijn grappen moet lachen. Maakt niet uit, als je maar lol hebt. Wat er is gebeurd?

Ik werd net gebeld door iemand van ‘Microsoft’. Althans dat zei hij maar ik leef niet onder een steen dus ik wist meteen dat ik een zwendelaar aan de lijn had. Hij zegt – met een zwaar Afrikaans of Indiaas accent – dat er iets mis is met mijn computer. Ik had even tijd en zin in een lolletje dus ik begon meteen in radeloze paniek in de hoorn te schreeuwen. Of er toch niks mis is met mijn computer en dat ik het al dacht en of er toch iemand op de wereld was die mij zou kunnen helpen. Niet voor niks jarenlang ‘aan het toneel’ geweest… Natuurlijk kon hij me helpen want dat was juist de reden dat hij belde; hij wist al dat er iets mis was met mijn pc. Of ik even een paar toetsencombinaties in wilde drukken, zodat hij me uit de problemen kon helpen. Ik zat niet achter mijn pc maar deed alsof – jarenlange acteerervaring kwam hier prima van pas – en ging mee in alles wat hij zei. Of ik op mijn scherm zag wat hij zei. Ja hoor. Niet dus. Ik vroeg nog heel onschuldig of ik door het intoetsen van die knoppen de controle niet aan het overgeven was aan hem. Nou, daar reageerde hij zowaar een beetje verbolgen op. Nee, hij was er juist om mij te helpen, hij ging toch geen gekke dingen doen… O ja. O nee dus!

Ik hoorde aan zijn stem dat ie zat te genieten en dat hij dacht dat ie beet had. Wist hij veel dat ie met een superintelligente vrouw aan het telefoneren was. Na een minuut of vijf geluisterd te hebben naar zijn onverstaanbare gebabbel, kon ik mijn lach niet meer onderdrukken en zei: “O, nu zie ik iets heel geks, ik denk dat ik daar even op met drukken”. Tuut-tuut-tuut. En weg verbinding. Ik heb serieus een kwartier zitten gieren van de lach. Hij balen natuurlijk want hij dacht echt dat ie een visje gevangen had.

Ik moet wel even denken aan de mensen die wel in die praatjes trappen. Het zal je maar gebeuren dat ze je computer overnemen en al je bestanden wissen en je pc onbruikbaar maken. Dus aan eenieder die dit leest: doe nooit wat ze zeggen. Als je geen tijd en zin hebt, gooi de haak er meteen op (zijn ze gelijk klaar met vissen) maar als je zin hebt in een lolletje, kan ik het van harte aanbevelen om een eindje mee te gaan in hun ‘opdrachten’. Echt, het is supergeinig om de oplichter op te lichten.

Schriftjes Hot icon

Schriftjes

Zij pakte haar tuinschrift. Daarin staat alles over haar tuin. Vandaag bloeide de eerste rozen. Terugbladerend in datzelfde schrift wist ze te vertellen dat dit drie weken eerder was dan een jaar eerder. Na nog verder terugbladerend wist ze te vertellen dat het twee weken eerder was dan twee jaar geleden. “Zie je”, kreeg ik onderricht, “zo dicht bij huis kun je ook de klimaatverandering volgen”. Ik dacht tegen te werpen dat de ene winter de ander niet is. Dat was fout want ook dat kwam door de klimaatverandering. De vogels hebben ook eerder jongen uitvliegen, althans de vogels in haar tuin. Dat staat eveneens te lezen in het tuinschrift. “Mag ik dan de conclusie trekken dat er meer tuinvogels komen, wierp ik al meedenkend op. Als alles eerder is en de winters zachter dan kunnen vogels en planten langer actief zijn in hun voortplanting. Dan zouden er meer nesten uitgebroed kunnen worden, meer bloemen bloeien. Dat was een nadenkertje maar het antwoord kwam vrij snel. Ook roofvogels blijken mee te doen waardoor de natuur een dergelijk fenomeen neutraliseert. Wat een wijsheid, louter en alleen gebaseerd op het tuinschrift.

Wat goed om nieuwsgierigheid over wat er om je heen gebeurt vast te leggen in een schriftje. Ze heeft ook een schriftje waar de historie van het huis is opgenomen. Alle aanschaffingen van belangrijke zaken staan er op datum vermeld. De datums van het onderhoud aan die aanschaffingen, de hele levensduur van apparatuur met de gebreken zijn bekend door de aantekeningen in een schriftje. Nee, ze vond het niet veel werk en het inzicht dat het geeft is zeer de moeite waard. Dat zal niemand ontkennen maar de lust om aantekeningen te maken zal bij menigeen ontbreken. Ik werd enthousiast. Niet dat het een aansporing was om ook schriftjes vol te gaan schrijven met aantekeningen voor de toekomst, nee, veel meer dat ik een persoon heb gevonden die mijn vragen op dit gebied kan beantwoorden. De koelkast gaat zo lang mee, de winter loopt echt op z’n eind als je de winterkoninkjes nestjes ziet maken. De zomer is pas goed begonnen als de konijnen je moestuin aan het leegeten zijn. De herfst is volop aan de gang als de eekhoorntjes de walnoten en hazelnoten overal in je tuin aan het begraven zijn. Het voorjaar is echt begonnen als je die jonge door eekhoorntjes geplante boompje uit je tuin gaat verwijderen. Nee, deze staan niet in het schriftje. Gelukkig kon ik toch nog iets tegenwerpen, ging ik niet af als een natuurmonster.

Ik hou het maar bij de wijze woorden uit de bijbel: “Alles heeft zijn tijd.” Bob Dylan heeft er een prachtig lied over gemaakt: Turn, turn, turn, there is a season turn turn turn….. En wie maakte dat nummers populair in de jaren zestig van de vorige eeuw? Juist ja, The Byrds. Blijkbaar zijn er meerdere mensen die er een schriftje op na houden.

Bloast ‘m op! Hot icon

Bloast ‘m op!

Een tijdje geleden, zo net na de kerstvakantie, ging ik voor het eerst in 2017 met de fiets naar het werk. Zoals u weet, gebruik ik dat ritje vaak om na te denken
en soms om wat te rekenen. Als je een getallenfreak bent, zoals ik, dan let je daarbij vanzelf op de getallen die je voor je ziet op de fietscomputer. Soort van beroepsdeformatie.

Dit gebruikte ik in het begin vaak om te kijken wat de kortste route was naar mijn werk. En omdat ik nogal ‘nauw kijk’, zoals we dat hier in de Kempen zeggen, weet ik op zo’n 50 meter nauwkeurig wat de kortste fietsafstand naar mijn werk is: 13,85 km. Maar nu, vlak na de vakantie, was diezelfde route ineens 13,99 km geworden… Rara politiepet!

Bovendien leek het zwaarder te trappen dan vóór de vakantie (nee, ik heb geen elektrische fiets: ik fiets nog gewoon op boterhammen met hagelslag). Dit wilde ik natuurlijk tot op de bodem uitgezocht hebben. Had iemand in de vakantie stiekem de wereld een beetje opgerekt? Een soort eb en vloed, maar dan van de grond? Of had iemand ergens “schrikkelmeters” ingevoerd, zoals ze dat soms doen met extra secondes?

Gelukkig bleek het, na enig nadenken, verrassend eenvoudig wat er aan de hand was. De crux zit hem in de werking van zo’n moderne fietscomputer. Die meet geen afstand, maar telt rondjes (daarom moet je bij ingebruikname ook je wielomtrek invoeren). Als je een slappe band hebt, die daardoor wat indeukt, is je wiel effectief kleiner. En dus passen er meer rondjes in dezelfde afstand – die in werkelijkheid natuurlijk niet veranderd is.

Maar kan dit verklaren dat de afstand naar mijn werk ineens wel 140 meter langer was? Jazeker, makkelijk! Want die 140 meter is, op een afstand van
nagenoeg 14 km, slechts 1 procent van de totale afstand. Dat correspondeert met een indeuking van de band van 1% van de wielstraal. Die is ongeveer
14 inch (want 28 inch wielen), wat gelijk is aan dik 35 cm. Dus hoeft de band maar 3,5 mm in te deuken en je hebt 1% toename te pakken.

De feitelijke afstand is niet langer. Maar… zo’n slappe band trapt wel zwaarder, waardoor de afstand wel degelijk verder lijkt. Dat vind ik dan weer grappig: net zoals je kunt spreken van een “gevoelstemperatuur” (als het hard waait lijkt het kouder dan het feitelijk is), blijkt er ook een “gevoelsafstand” te bestaan: een afstand lijkt groter dan deze werkelijk is, omdat je een grotere weerstand ervaart.

Helemaal grappig vind ik dat de wind invloed uitoefent op zowel gevoelstemperatuur als gevoelsafstand. De gevoelsafstand kan zelfs langer (wind tegen) én korter worden (wind mee)! En als we het toch over wind hebben, dit brengt ons natuurlijk direct bij de oplossing van dit vreemde fenomeen, veroorzaakt door een slappe band: bloast ‘m op!

Gewenning Hot icon

Gewenning

Onlangs was de telefoon van een vriend van me gestolen. Pas dan merk je hoe afhankelijk we eigenlijk van die dingen zijn geworden, en hoe snel je gewend raakt aan nieuwe technologie. Je telefoon kwijt, dat is natuurlijk heel vervelend. Maar het was ook wel weer even een nostalgische stap terug in de tijd. Tenminste, dat vond ik. Ik kan me voorstellen dat nostalgie je gestolen kan worden als je telefoon, ehh, gestolen is.

Ik denk steeds meer na over wat technologie doet met ons in het algemeen en mezelf in het bijzonder. We besteden functies uit aan technologie: daardoor kúnnen we meer, maar hebben we daar zelf minder bij in te brengen. Zo zijn we dankzij auto’s beter bereikbaar en mobieler, maar daarmee worden spieren om te lopen – wat we vroeger veel deden – minder interessant: evolutie. Omdat we met rekenmachientjes en computers veel sneller gecompliceerde berekeningen kunnen maken, verdwijnt de noodzaak om hoofdrekenen te leren: gewenning.

Eerder heb ik al eens geschreven over de blauwe vinkjes van Whatsapp. Ik merk nu ook steeds meer dat ik er zelf, bijna ongewild en haast onopgemerkt, gebruik van maak. Met name in groepsgesprekken, om te kijken wie mijn bericht al gelezen heeft. Het wordt je alsmaar gemakkelijker gemaakt om anderen via hun telefoon in de gaten te houden. Je raakt er aan gewend, en voor je het door hebt kun je niet meer zonder. Je gewenning is omgeslagen in verwachting; iets dat vrij makkelijk verandert in een gevoel van verplichting. Toch merk ik ook dat ik af en toe kriebelig wordt als een bericht niet direct beantwoord wordt. Dat terwijl ik zelf ook niet altijd direct reageer, om uiteenlopende redenen – maar vooral omdat ik weiger mijn beschikbaarheid te koppelen aan het wel of niet binnen handbereik hebben van mijn telefoon. Bereikbaar zijn is een keuze, geen verplichting. Gewenning heeft dat beeld veranderd.

Ik vond het fijn dat ik op Whatsapp niet langer zie wanneer ze voor het laatst online waren – dat heb ik lekker uit gezet. Daar heb ik niets mee te maken, en andersom bij mij ook niet. Ik ben benieuwd hoe ver de inbreuk van smartphones in onze levens door zal gaan, hoe de publieke opinie zich gaat vormen, en hoe we er over een paar jaar over zullen denken.

Of je het nu wilt of niet, sociale media nestelen zich steeds dieper in onze persoonlijke levens. Voor je het weet ben je ergens gewend aan geraakt, en wordt de afwezigheid daarvan, die we eerst normaal vonden, ineens opvallend. Dus als je me een berichtje stuurt en ik reageer niet, weet dan dat dat niet aan jou ligt. En ik weet ook dat het niet aan jou ligt dat jij je daar aan stoort – dat komt door simpele menselijke gewenning.

Kerk Hot icon

Kerk

De nieuwe pastoor in Veldhoven ziet de duivel soms wegsmelten in het wij-water. Twee à drie keer per week komt hij in actie om boze geesten te verjagen. Hij hoort de duivel grommen en sissen als hij het hoofd van een bezetene met wijwater besprenkelt. Met pastoor van Roosmalen uit Reusel valt niet te praten.
Hij jaagt de Reuselnaren de kerk uit. Meer dan 350 mensen liepen twee rondjes rond de kerk. Een stille protestmars; geen spreekkoren, geen spandoeken. De pastoor zelf was in een abdij elders om te bidden voor ‘deze mensen die de weg kwijt zijn’. David Frequin heeft twee keer kanker overwonnen. Nu hij kankervrij is wil hij graag alles voor zijn einde vastleggen. Zijn euthanasie verklaring zorgt er voor dat hij voor zijn uitvaart niet welkom is in de Sint-Jan.

Het doet niets af aan de manier waarop ik geloof. Ik heb de Katholieke kerk met haar ‘Roomse’ organisatie en regels niet nodig om te geloven. Ik blijf een kaarsje bij Maria opsteken waar ik ook ben ter wereld. Doe een schietgebedje en zoek de stilte op in een dierbaar kapelletje. Verbaas me nog steeds over de pracht en rust die kerken uitstralen. Ik heb nog steeds mooie herinneringen aan mijn communie, de zondagse missen, de mei-maanden en de kerk waar ik als kind wekelijks kwam.

Het lukt het bisdom niet om de rust te bewaren. Nog maar niet te spreken van de vele misbruikschandalen afgelopen jaren. Op deze manier gaat het zeker niet lukken om de kerken weer vol te krijgen. Terwijl velen in deze drukke, hectische tijd juist op zoek zijn naar rust, ruimte en bewustzijn.

Volgens mij is het niet zo moeilijk. Alle macht bij de kerk ligt in handen van ongetrouwde mannen. Vrouwen staan bekend om hun empathie, intelligentie en charisma. Minder rechtlijnig, energiek en bijzonder communicatief. Het luisterend vermogen is bijzonder goed ontwikkeld bij vrouwen. Niet zo moeilijk. Wanneer mogen we?

De levende taal Hot icon

De levende taal

Is onze taal echt zo moeilijk vroeg ik me af toen een allochtone mevrouw me aansprak.

Ik was in verwarring gebracht. Ik moest het verschil duidelijk maken tussen ‘licht’ en ‘licht’. Het ging er om dat een kleur lichter leek bij daglicht. Dat is zo’n moment dat je geconfronteerd wordt met dubbele betekenissen van eenzelfde woord. Om bij hetzelfde woord te blijven:
je voelt je toch opgelicht als de brievenbus te vroeg is gelicht. Allicht voel je zoiets dergelijks aan. Of til je er maar licht aan en voel je je licht in je hoofd? Als autochtoon groei je er in en als allochtoon frons je de wenkbrauwen als je iets dergelijks voor het eerst hoort. Ik kan me nog herinneren dat de leraar Nederlands, voor mij in een grijs verleden, onze taalkennis toetste door op het bord, met krijt, de volgende zin te schrijven: de meester zei dat dat dat dat de leerling schreef dit moet zijn. En na enkele minuten puzzelen waren we eruit, er ging bij ons een lichtje branden. Het ging over leestekens plaatsen. De zin met leestekens loopt als volgt: de meester zei dat dat “dat”, dat de jongen schreef, “dit” moet zijn. De jongen had het verkeerde aanwijzend voornaamwoord gebruikt. Hij moest niet “dat” maar “dit” schrijven.

Verder zoekend in onze mooie Nederlandse taal kwam ik diverse voorbeelden tegen. Wijlen cabaretier Fons Jansen was een held in verhalen maken door woorden met een dubbele betekenis te mengen. Hij was dan ook neerlandicus. Ik herinner me dat ik zat te schaterlachen toen hij het had over de rechtbank. Daar zaten achter de tafel een rechter en een linker. De linker zei dat hij de rechter was. Die rechter zei niets, die dacht vast: “Ik zal wel linker zijn”.

Ik besloot om mijn omgeving te gaan confronteren met dubbele betekenissen van woorden. We hadden het over een meisje bij ons in de buurt. Mijn vrouw vond haar knap. Ik antwoordde dat het wel mee viel want op school stond ze op een gemiddelde van zes. Mijn vrouw maakte een boos gezicht in mijn richting en als zij boos is, dan is dat knap lastig. Daarom maakte ik met een voor mijn leeftijd knappe beweging me snel uit de voeten. Voor alle duidelijkheid: ik liep weg als een pantoffelheld en het was niet zo dat ik mijn voeten uitdeed. En dat brengt me dan weer bij het woordenboek van Piet Grijs. Daarin is de definitie van skelet als iemand is die te lang is doorgegaan met zich uit te kleden. Dat is Piet ten voeten uit.

Steeds komen er weer nieuwe woorden binnengeslopen. Ik hoorde onlangs dat coffeeshops binnenkort legaal softdrugs mogen inkopen. Dat gaat geregeld worden in de Wietwet. Met het geven van die naam is in deze tijd perfect duidelijk gemaakt waarvoor de wet is bedoeld. Of dat over honderd jaar nog zo is, dat is maar de vraag.

“De taal leeft”, is de mening van een persoon die de taal is bijgebracht via het Aap-Noot-Mies-leesplankje.

Ieper Hot icon

Ieper

Zo, ik ben aan het bijkomen van een weekendje België? Dat is namelijk compleet in het water gevallen. Ho, dat moet ik niet zeggen want de tijd dát we in België waren, was het super gezellig en hebben we veel gelachen. Wat is er gebeurd?

Manlief gaat al een paar jaar met zijn vader en oudste zoon op pad om live bij één van de Belgische wielerklassiekers te zijn. De Ronde van Vlaanderen, Luik-Bastenaken-Luik en meer van dat soort pret. Ik ga doorgaans niet mee omdat ik niet zo’n wielerliefhebber ben maar dit jaar ging ook mijn schoonmoeder mee dus ik dacht dat het voor mij ook leuk zou zijn. Het werd Gent-Wevelgem. Althans, dat was de bedoeling.

Mijn echtgenoot boekte een hotel dat pal aan de route lag en de voorpret kon beginnen. In gedachten zaten wij al vanaf de vroege morgen op het terras om alles te bekijken. Eerste rang, goed geregeld! Dat dáchten wij dus want afgelopen vrijdag togen wij vol goede moed naar Ieper, naar een hotel in het centrum. Daar aangekomen dacht mijn man even te gaan vragen hoe we het beste op de bijbehorende parkeerplaats zouden kunnen komen. Totaal in shock kwam hij een kwartiertje later terug. Het hotel – zo
vertelde de buurman – was al een poosje failliet en dagelijks stonden er nog mensen aan de deur die van dat feit niet op de hoogte waren. Wij waren onthutst en dan druk ik het zachtjes uit.

Hoe nu verder? We parkeerden even op een pleintje nabij het centrum en zagen een bord van een ander hotel. Manlief naar binnen om te informeren of er toevallig nog drie kamers waren maar nee, helaas. Er werd driftig voor hem getelefoneerd want gastvrijheid staat in Ieper met hoofdletters geschreven, behalve in dat ene hotel dus. Na een uitgebreid belrondje vonden we een hotel voor één nacht, boekten dat, aten een hapje, werden dronken (nou, een beetje), sliepen slecht en toen was het zaterdag. We vergaderden over wat nu verder te doen. Vanwege de beperkte mobiliteit van mijn schoonvader was een hotel aan de andere kant van de stad – en ver weg van het parcours – geen optie en dus werd na rijp beraad besloten dat we huiswaarts zouden keren. Op zondag zaten de mannen voor de tv alwaar hotel Regina even vol in beeld kwam. Inclusief gesloten deur en desolate uitstraling.

Een geluk bij een ongeluk was dat we geen aanbetaling hadden gedaan want anders waren we die centen kwijt geweest. Nu waren we ook veel centen kwijt maar daarvoor hebben we een kleine wereldreis gemaakt, vreselijk veel gelachen, mooie herinneringen gemaakt en een prachtig museum bezocht.
Flanders Fields is zeer de moeite waard; indrukwekkende beelden van de Eerste Wereldoorlog waarin dood, verderf en bittere ellende de boventoon voerden. Afgezet tegen ons ‘hotel-leed’ is ons probleem natuurlijk om te lachen en dat hebben we dan ook veelvuldig gedaan.

Posts loader