iOS:
Bewaar als app -> Kies “Zet in beginscherm” en klaar!

Android:
Bewaar als app-> Kies “Toevoegen aan beginscherm”

Windows:
Bewaar als app-> klik op “Aan start vastpinnen”

loader

Aanmelden voor:

nieuwsbrief, lezersaanbiedingen, speciale acties etc.
Het nieuws van dichtbij

Rubriek Column

Reclameboodschappen Hot icon

Reclameboodschappen

Je kunt er niet meer omheen: reclame wordt steeds agressiever. Op de social media moet je onderhand zoeken tussen alle boodschappen wat je eigenlijk wilt zien. Zelfs op de publieke zenders lijkt de commercie het gewonnen te hebben van de vrije nieuwsgaring. Buiten dat kun je vraagtekens zetten bij de kwaliteit.

Er is wat tegenwicht. De loden leeuw kijkt naar de slechtste kwaliteit maar we moeten het toch in eerste instantie bij onszelf zoeken. We moeten minder gevoelig zijn voor die boodschappen. Een reclameboodschap mag best wijzen op de karakteristieke goede eigenschappen van een product en dat mag ook nog op een vrolijke manier. Daar kun je iets mee als consument. Maar als men met nietszeggende filmpjes en teksten komt moeten we ons afvragen of het aan te prijzen product te slecht is om er iets goeds over te zeggen. Dat geldt zeker als er slogans de wereld worden ingestuurd. Ik moest hier aan denken toen ik zag dat de letters “I Amsterdam” voor het Rijksmuseum van Amsterdam werden weggehaald. Dat is nu echt een slogan die niets zegt. Tilburg zat met “Tilburg, je bent er” in de slipstream. Als je dat leest langs de weg dan klopt dat perfect maar dat weet je dan al drommels goed, heeft geen toegevoegde waarde. Erger nog: je vraagt je af wat dit bedenksel heeft gekost.

Ik las in de krant een artikel over de prijs voor de slechtste slogans. Volgens dit bericht zijn er reclameleuzen die zo ontzettend slecht dat ze nog leuk worden ook. Al zeven jaar wordt de slechtste slogan van het jaar gekozen. Een vroege winnaar was “De scheiding bij de kapper is het goedkoopst”. Dat is dan nog een nette. Wat te denken van “Voor ieder reetje een Aarts WC-tje”? Het blijft wel hangen maar wat mij betreft werkt het averechts. Ik wil met een dergelijk bedrijf geen klantrelatie opbouwen.

Voor mij is een reclameboodschap goed als er inhoudelijk op het te verkopen product wordt ingegaan, de goede eigenschappen benadrukt en daarbij respect toont voor de ontvanger van de boodschap. Kijk eens met een kritische blik naar de TV-reclames. Let dan op wat er van het aan te prijzen product wordt gezegd. Zeker als het gaat over naamsbekendheid wordt nogal eens vergeten om iets van de kwaliteit te zeggen. Je ziet een man met een naamtatoeage een vrouw zoeken en met de gevondene wegrijden in een auto. Dat zou nu een reclame moeten zijn voor de tatoeage maar niet voor de auto. Heeft de autoproducent dan zoveel te verbergen dat hij ons zo moet wijzen op zijn product. De reclame voor de multifocale bril hing me zo ver de keel uit dat ik heb besloten van die organisatie nooit een bril aan te schaffen. Eerder nog zou ik een donatie doen in een opgericht fonds om de boodschapper uit dat fonds een heel stel van die brillen cadeau te doen.

Beschouw dit maar als een oproep aan de reclamebureaus om ons als consument serieus te nemen.

Vacant zie

Vacant zie

Gisterochtend had ik een vreemde ervaring. Vooruitkijkend op de kalender naar de nieuwe week, stond daar helemaal niets op. Dit voelde als ongekende luxe, want meestal staat onze kalender tamelijk vol. Het had ook een reden: we hebben deze week bewust leeg gehouden vanwege de meivakantie. O ja, dat stond er wel: “meivakantie”.

Het plan was om deze week op reis te gaan naar Schotland. Maar omdat we pas zondag konden gaan en mijn dames vanwege diverse redenen op vrijdag weer terug wilden zijn, waren we dan maar heel kort daar. We zouden namelijk met de auto de oversteek maken. Dat gaat het makkelijkst van Duinkerken naar Dover, maar omdat je dan het hele Britse eiland nog in de lengte over moet, zou het meer rijden worden dan vakantievieren.

Zelfs onze dochter, de initiatiefneemster van de geplande trip, was het ermee eens dat dit allemaal wat te kort zou zijn voor zo’n lange reis. We besloten dus tot uitstel. Zelf vond ik dat niet zo erg, want ik heb in april genoeg gereisd (zie mijn vorige column) en daar, naast enig slaapgebrek, een stevige jetlag aan overgehouden die gebaat is bij rust.

Kortom: we gaan niet. Dat creëert een hoop ruimte in de agenda, waar ik niet zo aan gewend ben. Daar ga ik dan over nadenken – u kent me intussen een beetje – en dat brengt me in gedachten bij de originele betekenis van het woord ‘vakantie’. Dat komt natuurlijk van het woord ‘vacant’, wat ‘leeg’ of ‘beschikbaar’ betekent.

In een grijs verleden schreven we dan ook ‘vacantie’, met een c, zoals we met ‘vacature’ nog steeds doen. Over ‘vacantie’ doet mijn spellingchecker op dit moment moeilijk, maar dat domme stuk software begrijpt natuurlijk niet dat ik het bewust met een c schrijf om het verschil met de spelling met een k aan te geven, die inmiddels geldt als correct

(correct met twee c’s, wat tussen 1955 en 1995 overigens ook wel met twee k’s mocht worden geschreven, ‘korrekt’ dus, waar de spellingschecker nu eveneens over moppert; misschien hadden we in die korte spellingshausse – wat we toen zouden schrijven als spellingshoos – van de jaren zestig en zeventig spellingschecker liever geschreven als ‘spellingsjekker’ want toen was het mode om dingen fonetisch weer te geven, tot men ontdekte dat dat niet zo’n goed idee is, omdat je dan in elk geval de herkomst en soms zelfs de betekenis van woorden niet meer goed kan doorgronden – bent u er nog?)

Echt vacantie dus: lekker veel lege, beschikbare tijd. Maar lang heeft die luxe niet geduurd. Gisteravond al aan mijn bandje laten weten dat we dinsdagavond wel kunnen repeteren. Want dan ben ik net terug van het tweedaagse tripje naar de Veluwe, vanochtend geboekt voor maandag en dinsdag. Kan ik woensdag mooi naar de sportschool, wat niet had gekund als we in Schotland hadden gezeten.

Wellicht kan ik woensdag ook alvast wat muziek uitzoeken voor het volgende muzikale project. Donderdag uit eten, om te vieren dat mijn vrouw officieel haar eigen bedrijf start (met ingang van de dag van de arbeid, toepasselijk!) Misschien ga ik vrijdag wel naar het werk, om de emailachterstand weg te werken die anders maandag wacht.

En nu ik toch thuis ben, kan ik deze ervaring wel eventjes vangen in een
column, dat gaat in één moeite door. De titel verzon ik vanmiddag al, kijkend naar de voetbalwedstrijd van mijn zoon met Dosko 1. Zie je, zelfs het multitasken herneemt alweer zijn loop! Jammer eigenlijk. De illusie van een vacante week heeft heel kort geduurd, maar was erg lekker. Het gebeurt helaas te weinig, dat ik op de kalender kijk en de hele week vacant zie.

Klassieker Hot icon

Klassieker

Een verschrikkelijk gezicht vind ik het: de beelden van een wielrenner die op de grond ligt. Bij iedere valpartij die ik zie, spannen mijn spieren samen, voel ik iets van plaatsvervangende pijn en maak ik een sissend geluid als ik lucht tussen mijn kaken naar binnen pers. Maar dat gebeurde niet afgelopen wielerwedstrijd in Zuid Limburg. Die zondag viel Mathieu van der Poel op het asfalt, direct na de finish. Van uitputting…. van ongeloof…. Hij won de Amstel Gold Race op een werkelijk fenomenale manier. Een ongelooflijk mooie prestatie.

Nee, niet gaan speculeren over welke middelen hij gebruikt. Niet doen.
Gewoon genieten. Van de inspanning, de zichtbare pijn, de prachtige overwinning, het snikken, het happen naar lucht, de tranen van vreugde, het lachen van ongeloof, van alles.

Al die emoties in dat ene beeld van ‘Matje’ daar op de grond, omringd door tientallen journalisten die door enkele medewerkers van de ploeg op afstand worden gehouden. “Laat die jongen nou even bijkomen”, denk ik hardop. Maar dat horen ze in Limburg niet. En mijn gedachten dwalen af naar onze eigen ‘wielerklassieker’: de Acht van Bladel.

In onze Kempen zijn mooie wielerwedstrijden. Helaas worden profkoersen als de Profronde Lommel en de GP Erik Breukink niet meer verreden. Vanwege verminderde interesse van sponsors, minder organisatiekracht of minder vrijwilligers. De precieze oorzaak weet ik niet. Maar de nog bestaande koersen worden bedreigd door een ander fenomeen: ‘de openbare veiligheid’. Er is onvoldoende geld om politiebegeleiding (motards) met wielerkoersen mee te sturen. Dus moet er bezuinigd worden. Dit jaar 20%. Volgend jaar 50%.

Dit jaar wordt ‘de Acht’ in de Acht van Bladel niet meer verreden. En volgend jaar is de Acht van Bladel misschien geen meerdaags wielerevenement meer, of zelfs helemaal geen wielerwedstrijd meer? Geen valpartijen meer in de koers, geen vlaggenist meer die me laat omrijden omdat de weg is afgezet, geen galmende speakers meer van de geluidswagen of speaker. Maar ook geen sportevenement, geen afwachtingsritten, geen spanning, geen winnaar, geen rondemiss, geen podiumplaatsen en geen feest.

Ik ben benieuwd welke wielerwedstrijd zich in 2020 de ‘oudste juniorenklassieker van Nederland’ mag noemen. Ik hoop toch van ganser harte dat ik overal trots mag verkondigen dat dat nog steeds onze ‘Acht van Bladel’ is (met een echte Acht in het parcours). Dan hoop ik dat ik – net als in 2012 – een nieuwe winnaar van de Amstel Gold Race in Bladel over de finish zie komen. Mathieu, gefeliciteerd!

Troost Hot icon

Troost

Soms neem je dingen te veel als vanzelfsprekend aan. Bepaalde mensen in je leven bijvoorbeeld. Zo is er een man, bijna net zo oud als ik, waarmee ik vroeger nog in de box heb gelegen. Hij is er áltijd geweest. In de beginjaren van mijn leven woonde ik in een stad hier ver vandaan. Familie kwam niet dikwijls op bezoek maar van de bezoekjes die er waren, herinner ik me juist die waarbij hij aanwezig was. “Wa zèdde gullie toch aorrige eters, ge moet op ‘n kruk zitten en krègt soep ût een kumke”, ik hoor het hem nog zeggen. Al kon ik ‘m in die tijd niet verstaan omdat ik het accent niet goed kende.

We verhuisden naar Brabant en bijna dagelijks zag ik hem omdat voor hem de weg naar school langs mijn huis leidde. Als ik bij hem op visite kwam, dook ik zijn speelgoedkast in want hij had álle boeken van Suske en Wiske en dat vond ik interessant.

Nóg een paar jaren later gingen we dikwijls samen op stap; ‘toevallig’ hadden we lange tijd dezelfde vriendengroep. We dronken samen een biertje – ook vaak meer dan één – fietsten samen naar de kroeg of naar huis, waarbij vermeld moet worden dat ik dan standaard buiten adem aankwam want hij heeft een íets ander fietstempo dan ik. We huilden bij elkaar uit als er een verkering uitging, vierden samen dat we de ware gevonden hadden en begrepen elkaar dikwijls zonder woorden.

Op de uitvaart van mijn moeder, speelde hij op mijn verzoek op gitaar, ook al is dat niet zijn favoriete plaats om muziek te maken maar hij weet hoe troostend muziek kan zijn. Drie jaar later deed hij hetzelfde voor me toen we afscheid moesten nemen van mijn vader. Weer waren daar de mooie klanken van zijn instrument, die het verdriet een klein
beetje verzachtten.

We lopen de deur niet bij elkaar plat maar weten elkaar wel altijd te vinden bij heuglijke en minder heuglijke gebeurtenissen. Zo mocht ik hem helpen bij de totstandkoming van zijn boek en helpt hij mij met kritisch commentaar op mijn schrijfsels (“weer een dt-foutje gevonden, Naat”, mailt ie met enige regelmaat en met een zweem van sarcasme in zijn pen).

Kort geleden heeft hij zich bij mij onsterfelijk geliefd gemaakt. Hij heeft een lied geschreven, speciaal voor mijn vader en dat heeft me geraakt tot in het diepst van mijn ziel. Hij wist niet dat het precies een jaar na het overlijden van mijn vader was, dat hij het liet horen. Toeval bestaat niet, zeggen ze wel. Ik heb niet veel met data en was die dag niet meer of minder verdrietig om het verlies maar toen hij het nummer speelde, kwam dat zó diep binnen, dat de dag een gouden randje kreeg.

Wat hebben sommige mensen het leven toch goed begrepen!

Receptie Hot icon

Receptie

Soms moet je naar een receptie waar je eigenlijk niets te zoeken hebt. Je kent toevallig één van de receptiegevers maar verder zijn de aanwezigen allemaal vreemden voor je. Eens was ik op een receptie van een echtpaar waarvan mij alleen de man bekend was via een zakelijke relatie. Je moet er iets van maken. Uiteraard begin je met het echtpaar te feliciteren. Mevrouw reageerde heel enthousiast: “Wat leuk, u bent vast de Limburgse collega van mijn man”. Ik ontkende en legde uit dat ik uit de Kempen kom. Dat maakte het plezier om mij te ontmoeten er niet minder om. Ik wist mijn plaats en liep naar de tafel waar een dame in een zwarte jurk en met een witte short om koffie en gebak uitdeelde. In eenzaamheid dronk ik mijn koffie en smulde van het gebak. Op enige meters dacht ik een lotgenoot te ontdekken. Ook hij was alleen en zag er gelaten uit. Ik nam het initiatief en stapte op hem toe. Op de vraag of hij ook een zakenrelatie was kwam een negatief antwoord. Hij was een oude schoolvriend.

Een vriendelijke dame, in zwarte jurk en met een witte schort om, verstoorde de eerste kennismaking met het aanbieden van bitterballen. Na die lange tocht was dat een aangename onderbreking. Bitterballen hebben de eigenschap dat de binnenkant wel drie keer warmer is dan de buitenkant. Het is lastig als je dat even vergeten bent. Mijn tong en gehemelte protesteerden fel door allerlei pijnprikkels uit te zenden. Gelukkig was er een vriendelijke dame in een zwarte jurk en een witte schort om die bluswater aan het verdelen was. Dat maakte het mogelijk om het gesprek wat meer inhoud te geven. Maar onze gastvrouw kwam even langs. Ze richtte zich tot mij en vroeg of ik als Limburgse gast mijn draai wel kon vinden. Om de gastvrouw niet twee keer te corrigeren liet ik het zo en stelde haar gerust met de opmerking dat het heel gezellig was. “Ach, u komt uit Limburg,” stelde mijn gesprekspartner vast, “wat leuk, wij gaan graag naar Limburg, Thorn is onze meest geliefde plaats. Ik dacht het al te horen aan uw uitspraak”. Tja, hoe kom je hier nu weer uit. Ik beaamde maar dat Thorn een heel mooi toeristisch stadje is. Ik kreeg bedenktijd omdat een vriendelijke dame in een zwarte jurk en een witte schort om ons kaassoufflés aanbood. Een welkome onderbreking die me tijd gaf na te denken. Kaassoufflés hebben de eigenschap dat de binnenkant wel drie keer warmer is dan de buitenkant. Het is lastig als je dat even vergeten bent. Mijn tong en gehemelte, deze keer geholpen door mijn slokdarm, protesteerden fel door allerlei pijnprikkels uit te zenden. Ik ging snel naar de blusdame in zwarte jurk en met een witte schort om en nam afscheid van mijn gesprekspartner die inmiddels een oude schoolvriend had gevonden. Ik dankte de receptiegevers voor hun gezellige en gastvrije ontvangst en reed richting Limburg om op tijd de afslag te nemen naar de Kempen.

Vaatwasser Hot icon

Vaatwasser

Al weken denk ik met enige regelmaat aan draken; aan de winter, en aan de
koning die die brengen zal. Ik denk aan een troon van ijzer en aan al die mensen die daar graag op willen zitten. Aan een kleine man, zijn grote broer en zijn gemene zus; aan de koning van het noorden en de koningin van draken; aan een berg van een vent en zijn verminkte broer die uit is op wraak… Als je niet weet waar ik het over heb, heb je misschien onder een steen gelegen zoals ik lange tijd deed. Het achtste en laatste seizoen van de immens populaire TV-serie Game of Thrones staat voor de boeg. 15 april is het zover: winter is coming.

Eerst moest ik niets van Game of Thrones hebben. “Ja maar Pirke, ik weet zeker dat jij dit geweldig vindt!” zei zo ongeveer iedereen. Gelijk hadden ze;
jarenlang hield ik mezelf voor de gek. Al van jongs af aan is fantasy namelijk de rode draad in mijn vertier: in de boeken die ik lees, de series en films die ik kijk, en de spellen die ik speel. ‘Ooit’, antwoordde ik als iemand vroeg wanneer ik Game of Thrones nu eens ging kijken; er waren nog genoeg andere series en films die voorrang hadden. Hoe ik Game of Thrones zo lang heb kunnen negeren is mij een raadsel. De serie heeft geen gelijke als het gaat om spanning, actie, liefde, verraad, intrige en plotwendingen. Uiteindelijk ben ik overstag gegaan. Samen met mijn vriendin verslond ik afleveringen in rap tempo. Zelfs een vakantie bleek geen obstakel; we keken gewoon verder op de iPad! Vorig jaar, toen we het einde van seizoen 7 bereikten, vielen we in een zwart gat.

Nu het wachten bijna voorbij is merk ik dat Game of Thrones mij niet onberoerd heeft gelaten. Ik ben namelijk verwend, en niet zo’n klein beetje ook. Elke aflevering van iedere serie die ik nu kijk wordt naast de Game of Thrones-maatstaf gelegd en wordt vaak te licht bevonden. Peaky Blinders kwam nog alleraardigst in de buurt, terwijl sommige andere series hopeloos door de mand vielen (ik zal geen namen noemen, maar ik denk bijvoorbeeld aan een politieserie in het zuidelijkste punt van Nederland).

Da’s best knap voor een serie die ik nog geen twee jaar ken. Het geeft aan hoe snel je ergens aan gewend kunt raken. Ga zelf maar na: voordat je een vaatwasser hebt, vind je afwassen wel prima – niet vervelend, maar er zijn zeker leukere activiteiten. Totdat ineens die vaatwasser in je keuken staat en je van-je-lang-zal-ze-leven niet terug wilt naar de donkere dagen van het afwassen. Game of Thrones is mijn vaatwasser. Totdat het 15 april is zal ik nog wel eens moeten afwassen, maar daarna kan ik zes weken lang één keer per week die onovertroffen vaatwasser aanzetten. En daarna? Dan zal ik op zoek moeten naar een nieuwe vaatwasser.

Vliegschaamte Hot icon

Vliegschaamte

Het scheelde weinig of ‘vliegschaamte’ was het woord van 2018 geweest. En met reden: het begrip is sterk in opkomst. Het staat voor het gevoel van schaamte dat mensen kunnen hebben als ze een vliegreis ondernemen. Vooral wanneer het een plezierreisje betreft en er ook minder milieu-belastende alternatieven zijn.

Is deze vliegschaamte terecht? Jazeker! Maar het waarom daarvan is niet zo vanzelfsprekend. Laten we er getallen bij zoeken, om te kijken hoe dat zit.

In het boek ‘Sustainable energy – without the hot air’, al vaker genoemd hier, zijn cijfers te vinden voor energieverbruik van diverse vormen van transport. De auteur drukt alles uit in kilowatturen. Eigenlijk best handig. (Strikt genomen val ik hier van mijn geloof, omdat ik altijd SI-eenheden prefereer, met energie in joules; maar omdat je in kWh lekker handzame getallen krijgt, maak ik graag een uitzondering.)

Het vliegen in een grote, redelijk volle Boeing over grote afstand kost typisch 0.5 kWh per passagierskilometer. Dat is eigenlijk niet zo heel veel, vergeleken met andere opties. Zo gebruikt een auto typisch 1 kWh per kilometer. Hee, dat is interessant: het beruchte ‘weekendje Barcelona’, voor een paar tientjes met het vliegtuig, is misschien niet eens slechter dan met de auto!

“Hoezo misschien?”, hoor ik u denken. Nou, dat ligt er aan met hoeveel personen je gaat. Het verbruik van een auto neemt niet noemenswaardig toe met het aantal passagiers. Dus als je met 2 personen naar Barcelona rijdt, kost dat evenveel energie als met het vliegtuig (het kost wel meer tijd): 0.5 kWh per kilometer per persoon, samen 1 kWh per kilometer.

Als je alleen reist, is het vliegtuig zelfs beter, want dan is de auto relatief onzuinig (ik heb me het hoofd gebroken over een mooier alternatief voor ons Kempische ‘schoailijk’ maar kon helaas niks beters vinden. En ‘schadelijk’ betekent echt iets anders!) Maar als je met het hele gezin gaat, zeg met vier personen, dan is de auto per persoon weer zuiniger.

De voorlopige conclusie lijkt: vliegschaamte is onterecht wanneer je alleen of met tweeën reist, en is terecht wanneer je het hele gezin meeneemt (dan was de auto beter geweest).

Maar er zit een addertje onder het gras. De crux zit in het bijzinnetje: “het kost wel meer tijd”. Want je laat het natuurlijk wel uit je hoofd om voor een weekendje heen en weer te rijden naar Barcelona! Het heen en weer rijden zelf kost bijna het hele weekend, met hooguit een paar prettige uurtjes op de Ramblas op zaterdagavond. Daarmee komen we bij de kern. Want vliegschaamte zou niet moeten gaan over de keus van vervoermiddel, maar over principiëlere vragen. Waarom wil een mens in godsnaam twee dagen van zijn leven 1500 km verderop doorbrengen? “Omdat het kan”, zeggen sommigen. Als dat je enige argument is om dit soort verspillend gedrag goed te praten, dan is vliegschaamte zeker op zijn plaats.

Want reken even mee: zowel in het vliegtuig als met de auto gebruik je met zijn tweeën 1 kWh per kilometer. Maal 3000 kilometer (heen en terug naar Barcelona) maakt 3000 kWh; dat komt aardig in de buurt van het totale elektriciteitsgebruik van een gezin over een jaar. “Ja maar we hebben wel ledlampen…” hoor je dan. Tja. Dat bespaart hooguit een paar honderd kWh per jaar en valt volstrekt in het niet bij het weekendje Barcelona.

Voor intercontinentaal vliegen is het allemaal nog veel erger. Een intercontinentale retourvlucht van 2 x 10.000 km kost zo’n 10.000 kWh. Dat is evenveel als de totale energie die het kost om je huis een jaar lang warm te stoken met aardgas. Of het totale elektriciteitsgebruik per jaar van 10 personen.

En jij, schrijvertje, wat doe je zelf? Tja… wij zijn ook meer dan eens voor een weekje naar Zuid-Frankrijk gereden. En niet eens voor de zomervakantie, maar zomaar eventjes in het voorjaar. Of dat minder erg is dan een weekend, valt te bezien. Je zou kunnen redeneren dat de reisafstand redelijkerwijs moet passen bij de duur van de reis; in dat geval is een weekje Méditerranée beter dan een weekendje.

Binnenkort vlieg ik binnen twee weken bijna de hele wereld over: een paar dagen Taiwan, gevolgd door een paar dagen Californië. Mijn argument over reisafstand en verblijftijd gaat dan zeker niet op. Maar ik doe dit niet voor mijn plezier: beide reizen zijn voor het werk en passen in een activiteit die bedoeld is om het totale energieverbruik van (het chips-producerende deel van) de mensheid terug te dringen. De kost gaat nou eenmaal voor de baat uit.

Motivatie voor dit werk (en dus voor deze reis) haal ik onder andere uit een uitspraak van Freek de Jonge, die jaren geleden al zei: “Wie iets doet, maakt zich schuldig; wie niks doet, moet zich schamen”. Schamen dus, zelfs als je niks doet… Het is nie hèndig goed.

Column Hot icon

Macht

Vindt u de reactie van kerken en sekten op seksueel misbruik binnen hun gelederen ook zo terughoudend? Seksueel misbruik blijkt al jaren een wereldwijd probleem te zijn waarop de geestelijk leiders geen goed antwoord weten of willen weten. Is het misschien een samengaan van macht uitoefenen en regels die maar moeilijk zijn uit te leggen in een moderne maatschappij? De gelovigen vormen geen kudde schapen meer die klakkeloos aannemen wat hun herder bepaalt. Nee, de moderne schaapjes willen meepraten over welk gras ze moeten eten, waar ze graag grazen en over de kwaliteit van de stal waarin ze de nacht moeten doorbrengen.

Een Kempische pastoor floot me eens terug toen ik met hem in gesprek was over inspraak in gewone dagelijkse kerkelijke zaken. Hij vertelde me dat ik veel te democratisch dacht. De Rooms-Katholieke Kerk is namelijk geen democratie. Het is een strak van bovenaf dicterende organisatie. Dat klopt
precies. Zo dicteert die kerkorganisatie, overigens pas vanaf de vijfde eeuw, dat priesters celibatair moeten zijn en dat de gelovigen slechts een levenspartner mogen hebben van ‘het andere kunne’. Dat past dus precies in een van bovenaf geleide hiërarchie. Je kunt je met reden afvragen of deze regels geheel indruisen tegen de diepgewortelde instinctieve
gevoelens van de mens. Kun je dit dan zo maar opleggen? De moderne mens durft deze vragen te stellen en verwacht begrijpbare antwoorden.
De vorig jaar overleden theoloog Harry Kuitert verkondigde de stelling “Alle spreken over Boven komt van beneden, ook het spreken dat beweert van Boven te komen.” Hij beschouwt religieuze regels als “zoekregels”. Ieder mens kan ze gebruiken om een eigen mening te vormen over allerlei zaken. Je kunt de strakke regels van “Boven” beschouwen als ingegeven door Boven, maar consequent is diezelfde stelling ook toe te passen op andersluidende gedachten. Als je dat tegen elkaar afzet blijft er alleen macht en heersen op basis van bedachte en vastgestelde regels over.

Hiërarchie geldt ook in wereldlijke organisaties. Voor hen die andere gedachten hebben kunnen streng toegepaste regels erg benauwend werken als dit het dagelijks functioneren gaat beïnvloeden. Besef wel dat hierop pas de laatste decennia veel op is afgedongen hoewel de financiële afhankelijkheid veelal noopt tot concessies.

Tot zo’n zestig jaar geleden waren mensen erg zorg- en volgzaam. De verzuiling zorgde ervoor dat de leiders voor talloze mensen meningen vormden. Voor velen gaf dat overigens een vorm van zekerheid en was er sprake van vertrouwen In veel landen is dat nog zo zonder dat er sprake is van verzuiling. Wij zijn al ver met respect opbrengen voor ieders
mening hoewel er nog steeds krachten zijn die meningen willen opdringen. Ook wij hebben nog een hele weg te gaan.

De Paus is naar Chili en Ierland geweest, heeft gesproken met slachtoffers. Hij heeft zijn medeleven betuigd. Toch blijft bij mij het gevoel hangen dat de geestelijk leiders zich wel willen bezig houden met de gevolgen maar veel te weinig aandacht hebben voor de oorzaken. Hierboven zijn er twee besproken maar er zijn er veel meer.

Posts loader